Offeranoden beschermen metalen delen van een schip tegen elektrochemische corrosie doordat het minder edele anodemetal wordt aangetast in plaats van het te beschermen metaal. De keuze van het anodemetal hangt in belangrijke mate af van het vaargebied en daarmee van het zoutgehalte en de elektrische geleidbaarheid van het water. Ook het materiaal en de omvang van het te beschermen deel en de opbouw van de kathodische bescherming spelen een rol.
Voor zout water worden doorgaans zink- of geschikte aluminiumanoden gebruikt. In brak water is aluminium in de regel de aangewezen keuze, omdat zinkanoden daar kunnen passiveren. Voor zuiver zoet water worden meestal magnesiumanoden toegepast. Door hun hogere drijfspanning kunnen zij ook bij de lagere geleidbaarheid van zoet water voldoende beschermstroom leveren. Onder bepaalde omstandigheden kan magnesium ook in brak water worden gebruikt; dit hangt af van de geleidbaarheid en de dimensionering van het kathodische beschermingssysteem. Aluminiumanoden kunnen afhankelijk van de legering eveneens voor verschillende zoutgehalten worden ontwikkeld; de bij TOPLICHT aangeboden aluminiumanoden zijn volgens de productgegevens geschikt voor zout, brak en zoet water.
Het assortiment omvat lange en ovale rompanoden van zink, aluminium en magnesium. Afhankelijk van de uitvoering zijn ze voorzien van ongeboorde bevestigingsstrippen van staal of aluminium voor montage aan stalen of aluminium rompen. Omdat offeranoden tijdens het gebruik worden verbruikt, moeten hun toestand en elektrische verbinding regelmatig worden gecontroleerd en moeten de anoden tijdig worden vervangen. Meer informatie over de keuze van anoden en galvanische corrosiebescherming vindt u in de TOPLICHT-gids „Onderhoud & behoud van schepen“.
